Voor de stage naar bed, las ik als nevenverhaal: Monsters bestaan niet!
Het boek is geschreven door Steve Smallman en Caroline Pedler.
Het is een boek met een ontspannend functie.
De kleuters genoten met volle teugen van het boek.
Voor de kleuters is het boek zeer herkenbaar, het ligt zeer dicht in de leefwereld van kleuters.
Elk kind is wel eens bang om te gaan slapen.
Het boek laat de kinderen praten over hun eigen ervaringen en laat ze bepaalde gevoelens verwerken.
Een eigen kamer krijgen is voor kleuters een hele belevenis.
Overdag vinden ze dat geweldig, maar ’s avonds lijkt het plots wel eng.
Ook deze beer heeft daar last van.
Hij moet nog even wennen aan zijn kamer, aan de schaduwen, aan de geluiden. Maar ook de grote beer moet wennen.
Door dit verhaal kunnen kleuters meeleven met de twee beren.
Ze zien dat ook de grote beer moet wennen aan de nieuwe situatie en dat bang zijn niet nodig is.
Ik vond het zelf een zeer aangenaam boek om te lezen.
Als je dit boek voorleest, dan kan je er veel intonatie en mimiek insteken.
Het is alvast een aanrader.
Het verhaal gaat als volgt:
Kleine Beer heeft een eigen slaapkamer gekregen en is dolgelukkig.
Grote Beer vindt het ook fijn, nu heeft hij zijn kamer eindelijk voor zichzelf.
Maar als het tijd is om te gaan slapen, beseft Kleine Beer dat hij nu helemaal alleen is.
Het lukt hem niet om in slaap te geraken.
Hij ziet zelfs een monster, maar dat blijkt maar een knuffel op een stoel te zijn.
Ook onder bed vermoedt hij een monster, maar daar ligt alleen een stinkende sok.
Dan brengt Grote Beer de favoriete knuffel van Kleine Beer, die zal hem gezelschap houden in zijn bed. Nu lukt het wel om te slapen.
Maar als Grote Beer gaat slapen hoort hij een eng geluid.
Het komt uit de slaapkamer van Kleine Beer. Wat is er aan de hand?
14 aug 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten