15 aug 2010

Gewoon Fien


Van maandag 17 mei t.e.m. vrijdag 21 mei 2010 liep ik stage in de tweede kleutersklas.
In die week werkten we rond het boek 'Gewoon Fien' van Sanne te Loo.
Het boek gaat over Fien die best bijzonder zou willen zijn.
Ze vindt zichzelf zo gewoon, zo saai.
Als de koninging een bezoek brengt aan de school, maakt Fien een mooie hoed voor zichzelf.
Ze voelt zich daar heel bijzonder mee maar is dat nou wel zo leuk?
In die week hebben we gewerkt rond gevoelens, anders zijn, de koningin, hoeden,...
In die stageperiode ging ik samen met de kleuters het boek volledig uitpluizen
Het werd voor de kleuters duidelijk dat iedereen anders is, maar daar is niets mis mee.
Als beeldactiviteit maakten we elk een eigen hoed, zoals Fien een eigen hoed maakte.
We maakten een spiegel, net zoals de koningin in het boek een grote spiegel heeft.
Ik leerde de kinderen een lied: "iedereen is anders", een vers: "ik zou zo graag een koning zijn".


Op deze site kan je het verhaal digitaal zien.





Foto's







Mijn bed!


Tijdens mijn stage naar bed koos ik als beeldactiviteit: het maken van een eigen fantasie bed.
Ik vertelde de kinderen dat ze allemaal hun eigen fantasie bedje mochten maken, met de nadruk dat ze zelf mochten kiezen hoe hun bed er uit zag.
Ik stuurde de kinderen natuurlijk bij en gaf enkele voorbeelden. Ik had verschillende materialen klaargelegd.
Eerst had ik een gesprek met de kinderen waarin ze me vertelden welk soort bed ze wouden maken.
Daarna gingen we aan de slag.
De kinderen experimenteerden met het materiaal en creƫerden zo hun eigen bed.
Waar het nodig was hielp ik de kinderen.
Wanneer de basis van hun bed af was, konden de kinderen hun bed versieren.
Daarvoor had ik andere materialen meegebracht.
Het eindresultaat was prachtig, de kinderen waren fier op hun eigen bed.
Ik vond het fijn om eens te werken met kosteloosmateriaal.

Om iets mooi te maken moet het niet altijd duur te zijn!

Monsters bestaan niet!


14 aug 2010

tussendoortjes

Lieve bloggers,
Eerst en vooral bedankt om mijn blog te lezen!
Ik hoop dat jullie er wat aan hebben.
Daarom besloot ik om vandaag enkele tussendoortjes die ik uitgevonden heb voor stage met jullie te delen!


Aard: activerend
Ontwikkelingsaspect: denkontwikkeling
Materiaal: een groot laken

Verloop:
We zitten in een mooie kring samen. Een kleuter ( door de leidster gekozen) mag in het midden van de kring gaan zitten.

De leidster legt een groot laken over de kleuter.
De leidster duidt nu een andere kleuter aan die in de kring zit.
Deze kleuter staat stil recht en stapt heel stilletjes naar de kleuter toe die onder het laken zit. Hij/zij tikt op de schouder van de kleuter die onder het laken zit en zegt: “Rikketikke tik, wie ben ik?”
Dan moet de kleuter die onder het laken zit proberen te raden welke kleuter zijn/haar schouder getikt heeft.
Als de kleuter het geraden heeft dan mag hij/zij een vriendje aanduiden die onder het deken mag plaatsnemen. Als de kleuter het niet meteen kan raden kan de juf samen met de kleuters enkele tips aan de kleuter geven.

Daarna kiest de juf wie er vervolgens onder het laken mag liggen.

Aard: rustgevend
Klemtoon: de zintuiglijke ontwikkeling
Ontwikkelingsaspect: 56) intens luisteren
Materiaal: twee houten stokjes, verschillende voorwerpen die geluid maken.


Verloop:
Op de grond liggen er een reeks voorwerpen die geluid kunnen maken. Een rammelaar, een fles met een knikker, bellenkrans, aluminiumfolie, een schuddoos,…
De kinderen proberen met de hand of moeilijker: met twee houten stokjes de dingen te verplaatsen. Daarbij mag geen lawaai worden gemaakt. Zo gauw we iets horen moeten de stokjes aan iemand anders doorgegeven worden.
Variatie:
We spelen het spel in twee groepen. Welke groep is er het langst stil?

Monsters bestaan niet!

Voor de stage naar bed, las ik als nevenverhaal: Monsters bestaan niet!
Het boek is geschreven door Steve Smallman en Caroline Pedler.
Het is een boek met een ontspannend functie.
De kleuters genoten met volle teugen van het boek.
Voor de kleuters is het boek zeer herkenbaar, het ligt zeer dicht in de leefwereld van kleuters.
Elk kind is wel eens bang om te gaan slapen.
Het boek laat de kinderen praten over hun eigen ervaringen en laat ze bepaalde gevoelens verwerken.
Een eigen kamer krijgen is voor kleuters een hele belevenis.
Overdag vinden ze dat geweldig, maar ’s avonds lijkt het plots wel eng.
Ook deze beer heeft daar last van.
Hij moet nog even wennen aan zijn kamer, aan de schaduwen, aan de geluiden. Maar ook de grote beer moet wennen.
Door dit verhaal kunnen kleuters meeleven met de twee beren.
Ze zien dat ook de grote beer moet wennen aan de nieuwe situatie en dat bang zijn niet nodig is.
Ik vond het zelf een zeer aangenaam boek om te lezen.
Als je dit boek voorleest, dan kan je er veel intonatie en mimiek insteken.
Het is alvast een aanrader.
Het verhaal gaat als volgt:

Kleine Beer heeft een eigen slaapkamer gekregen en is dolgelukkig.
Grote Beer vindt het ook fijn, nu heeft hij zijn kamer eindelijk voor zichzelf.
Maar als het tijd is om te gaan slapen, beseft Kleine Beer dat hij nu helemaal alleen is.
Het lukt hem niet om in slaap te geraken.
Hij ziet zelfs een monster, maar dat blijkt maar een knuffel op een stoel te zijn.
Ook onder bed vermoedt hij een monster, maar daar ligt alleen een stinkende sok.
Dan brengt Grote Beer de favoriete knuffel van Kleine Beer, die zal hem gezelschap houden in zijn bed. Nu lukt het wel om te slapen.
Maar als Grote Beer gaat slapen hoort hij een eng geluid.
Het komt uit de slaapkamer van Kleine Beer. Wat is er aan de hand?

De verteltas


Voor het vak Nederlands kregen we de opdracht om een verteltas te maken.
Maar wat is dat een verteltas?
Een verteltas is een tas met een centraal prentenboek en allerlei spullen en spellen die te maken hebben met dat prentenboek.
De tas wordt gebruikt in verschillende kleuterklassen.
Via een uitleensysteem kan de tas ook mee naar huis gegeven worden.
Dit biedt kansen om dichter in contact te komen met de ouders: de ouders kunnen thuis met hun kleuter de tas bekijken, de ouders kunnen meehelpen aan het maken van de tassen.
Wat zat er nu allemaal in mijn tas?
Eerst en vooral het boek.
Ik werkte rond het boek Jonnie van G. van Genechten.
Volgende zaken zaten ook in de verteltas:
Informatieve boeken over spinnen.
Enkele nevenverhalen over spinnen.
Een handpop van een spin.
Verschillende spelletjes: een memory, een tafelspel.
Slingers.
Een dvd over een spin.
Kleurplaten.

Zoals u al kon merken ging het boek over een spin.

Dit is het verhaal.
Jonnie is een hele lieve spin maar niemand weet dat.
Overal waar hij komt rent iedereen gillend weg als ze Jonnie zien, nog voor hij iets heeft gezegd. De sprinkhaan noemt hem een stinkend stekelbeest, andere dieren noemen hem zwartharig monster, kriebel-krabbelding, vieze vette braakbal en een afschuwelijk lelijk loeder.
Jonnie wil alleen maar vragen of er iemand is die een stuk taart wil eten omdat hij die dag drie jaar is geworden. Niemand geeft antwoord, Jonnie eet de hele taart in zijn eentje op. Jonnie is een hele lieve spin, maar niemand weet het. Alleen de lezer van het verhaal!

5 aug 2010

Naar bed


Van maandag 22 maart t.e.m. vrijdag 26 maart 2010 liep ik stage in de 2de kleuterklas.

Katho Tielt koos voor het BC: Naar Bed.

Ik liep stage in KBO St. Jozef met 25 enthousiaste kleuters.
Om de kleuters helemaal te laten meeslepen in het BC zorgde ik voor allerlei materiaal in de klas.

In de poppenhoek had ik een slaaphoekje gemaakt met knuffels, lampjes,...
Aan een lange draad in de klas had ik er verschillende soorten pyjama's opgehangen.
Aan de muur konden de kleuters verschillende soorten prenten bekijken rond het BC.
In de boekenhoek lagen er verschillende boeken omtrent het BC.

Bij de aanwezigheden zorgde ik ervoor dat de kleuters elke dag iets anders konden doen bij het horen van hun naam.

vb. :
Ik had verschillende soorten donkere wolken gemaakt met daarop velkro. Ook zorgde ik voor 25 gele sterren met velkro.
Als de kleuter zijn/haar naam hoorde dan mocht hij/zij een ster komen halen en ergens op de wolk kleven.



Ik bracht een grote tekening mee waarop een ritueel voor het naar bed
gaan afgebeeld stond (het moment waarop de tanden worden gepoetst, het moment
waarop een verhaaltje voorgelezen wordt,...).



Op de tekening bracht ik verschillende stukjes papier met een handvatje van kurk aan.
Wanneer ik bij de aanwezigheden een naam zei, mocht deze kleuter een stukje papier weghalen en zo kregen we een omgekeerde puzzel.

Wanneer de prent volledige zichtbaar was, volgde er een korte bespreking.






Voor mij was het duidelijk: het was een stage waarbij ik heel creatief kon zijn!